Lesgeven was mijn hobby"

De carrière van Kees Rombouts begon in oktober 1985 bij OBS De Springplank, waar hij tot 1988 als invalleerkracht werkte. In augustus 1988 maakte hij de overstap naar OBS De Noorderster in Bergen op Zoom. Daar stond hij maar liefst 31 jaar voor de klas. In 2019 keerde hij terug naar OBS De Springplank, waar hij vlak voor de zomervakantie afscheid nam van het onderwijs.
Al op achtjarige leeftijd wist Kees wat hij later wilde worden: leerkracht. Zelf spreekt hij liever niet van een beroep, maar van zijn hobby. Zijn toenmalige juf, mevrouw Frijters, speelde daarin een belangrijke rol. Zij wist een fijne en veilige sfeer in de klas te creëren en werd daarmee zijn grote voorbeeld.
Die sfeer stond ook gedurende zijn eigen loopbaan centraal. Kees vindt een omgeving waarin kinderen zich veilig voelen en zich optimaal kunnen ontwikkelen essentieel. Rust in de klas, een duidelijke structuur, discipline en respect voor elkaar vormden de basis van zijn manier van lesgeven.
"Ik ben best een strenge meester," vertelt Kees, "maar de meeste leerlingen hebben dat nooit zo ervaren." Vanaf de eerste schooldag waren de regels duidelijk. Leerlingen wisten waar zij aan toe waren, wat zorgde voor rust, een prettige sfeer en goede leerprestaties. "Kinderen moeten graag naar school gaan en lekker in hun vel zitten."
Voor Kees hield het vak niet op bij het geven van lessen. Hij vond het minstens zo belangrijk om een goede band op te bouwen met zowel leerlingen als hun ouders. Volgens hem draagt juist dat bij aan een positieve sfeer binnen de school.
Een traditie waar veel oud-leerlingen, totaal 1054 kinderen, ongetwijfeld met een glimlach aan terugdenken, waren de 1 aprilgrappen. Weken van tevoren bereidde Kees zijn plan zorgvuldig voor. Stap voor stap wist hij de klas mee te nemen in zijn verhaal, waardoor de leerlingen er vrijwel ieder jaar opnieuw intrapten. Eén van zijn favoriete voorbeelden uit het verleden zou volgens hem tegenwoordig waarschijnlijk niet meer kunnen.
Met veel waardering kijkt Kees terug op de samenwerking met zijn collega's en de directies van beide scholen. "Ik heb altijd mogen werken met mensen die echt een hart voor het onderwijs hebben." Ook waardeerde hij het vertrouwen dat hij kreeg. Zo organiseerde hij jarenlang de nachtspelen tijdens het schoolkamp en verzorgde hij de afscheidsavond van groep 8.
Aan leerlingen gaf hij altijd dezelfde belangrijke boodschap mee: ieder kind heeft zijn eigen talenten en mogelijkheden. Niet iedereen hoeft naar de havo of het vwo om succesvol te zijn. "Je kunt van een dubbeltje geen kwartje maken, maar je kunt een dubbeltje wel mooi laten glimmen," zegt hij. Volgens Kees gaat het erom dat je de kwaliteiten van ieder kind ziet en helpt ontwikkelen.
Aan het begin van ieder schooljaar besprak hij niet alleen de regels in de klas, maar ook waarom die regels belangrijk waren. Zo ontstond een pedagogisch klimaat waarin leerlingen naar elkaar omkeken, respectvol met elkaar omgingen en zich veilig voelden. Volgens Kees is dat de basis voor een succesvol schooljaar én voor de verdere ontwikkeling van kinderen.
Hoewel hij nog vijf jaar had kunnen doorgaan, besloot Kees met pensioen te gaan. Hij vindt dat er de afgelopen jaren veel veranderingen in het onderwijs zijn doorgevoerd die niet bijdragen aan beter onderwijs. Vooral de toename van administratieve en organisatorische taken ging volgens hem ten koste van datgene waar het uiteindelijk om draait: lesgeven.
Na een loopbaan van ruim veertig jaar kijkt Kees met veel voldoening terug. Niet op een carrière, maar op 41 jaar lang een hobby waar hij iedere dag met plezier aan begon.


